Interactief voorlezen

Printervriendelijke versieVerstuur naar een vriend

Interactief voorlezen is het voorlezen van een prentenboek. Het gaat hierbij niet alleen over het voorlezen. Achterliggende doelen zijn o.a. voorspellen en taalproductie. Er worden vragen gesteld tijdens het voorlezen. Begrippen en woorden komen aan bod die de leerlingen nog niet kennen. Belangrijke vragen voordat het boek wordt voorgelezen, zijn:

  1. Over wie gaat het boek?
  2. Waar speelt het zich af?
  3. Hoe denken we dat het verhaal zal gaan?
  4. De leerlingen bekijken alleen de plaatjes.

Achteraf wordt nabesproken of de voorspelling is uitgekomen. Ook wordt hen gevraagd wat het probleem was in het verhaal. Daanaast bespreken ze hoe het verhaal begon en hoe het is afgelopen. De leerkracht leest het boek interactief voor in een klein groepje leerlingen die een taalachterstand hebben. Ze leert hen strategieën aan.